De Ganzenmars van de Gemeente

De Ganzenmars van de Gemeente

(door Yvonne Muijs) Zoals bij veel andere zorgouders staan ook bij mij de haren weer overeind van het nadenken over hoe ik mijn Persoongebonden Budget dit jaar bij de Gemeente ga aanvragen. Intensief denkwerk en slapeloze nachten. Mijn doel: hoe ga ik deze aanvraag zo beter doen,dat de Gemeente de vraag beter begrijpt en ik de indicatie die ik voor mijn kind behoef, ook krijg. Tenslotte is mijn PGB (Pesoonsgebonden Budget) voor dit jaar ook nog niet afgehandeld. Ik wacht namelijk nog op de afhandeling van mijn bezwaar en, ook zoals zo velen,maak ik daarvoor gebruik van een lieve advocaat. Het laatste jaar werd mij dan ook aangeraden om de aanvraag al in september te gaan schrijven, zodat hij door het Sociale team (wijkteam) snel afgehandeld kan worden. De huidige indicatie loopt af in december. Hier beginnen wij dan maar met de terminologie ‘ganzenmars’. Zonder dat ik oneerbiedig wil klinken, ik vind ganzen mooie, intelligente en elegante dieren, maak ik hier een metamorfose. Ik deed mijn aanvraag. Wat volgde was ontzettend veel ‘gegak’ en na drie maanden lag er nog steeds geen Indicatie van het Sociaal Team. De volgende gans werd bij geroepen en het gegak begon weer zonder dat dat resultaten opleverde. Hup… naar de volgende gans. Om het gegak dan maar een halt toe te roepen, heb ik hulp in mijn netwerk erbij geroepen. Het succes: een Indicatie. Nou dacht een gans slim te zijn en toch een heel andere indicatie uit te schrijven. Daar was ik niet heel blij mee natuurlijk…Tenslotte heb ik niet voor niets een op mijn kinds specifieke behoefte een plan opgesteld om goede...

Debatmiddag over CPB-rapport ‘Kansrijk Onderwijsbeleid’

Op dinsdag 13 september organiseert de Universiteit van Amsterdam (UvA) een debatmiddag over het CPB-rapport ‘Kansrijk Onderwijsbeleid’. Het rapport is al langer onderwerp van discussie, onder meer omdat het onderliggend wetenschappelijk bewijs voor de analyse dun zou zijn Het Amsterdam Centre for Inequality Studies van de UvA wil tijdens de debatmiddag discussiëren over welk wetenschappelijk bewijs van belang is voor onderwijsbeleidsanalyse. Socioloog Herman van de Werfhorst zal het gesprek aangaan met beleidsonderzoekers van het CPB, de Onderwijsinspectie en het Sociaal Cultureel Planbureau. Aanmelden voor deze discussiemiddag kan via een mail aan...
Thuiszitten op school en het ‘pact’

Thuiszitten op school en het ‘pact’

(geschreven door Janine Scherpenberg, moeder van een thuiszitter) Ik merk in de tijd toch wel kleine stappen vooruitgang. Alleen het idee al dat ik als moeder mocht komen meepraten over de insteek voor het streven naar een goede aanpak om het aantal ‘thuiszitters’ terug te dringen op 13 juni jl. bij de thuiszitterstop. Ik zet het woord ‘thuiszitters’ tussen aanhalingstekens, omdat ik merk dat over de definitie daarvan al geen eenduidigheid is. Een eerste stap zou ik zo zeggen. Ik zie het zo, dat een kind wat niet het onderwijs ontvangt zoals alle kinderen dat horen te ontvangen, een thuiszitter is. En dan is het natuurlijk best vreemd als ik zeg dat mijn eigen kind terwijl zij nog netjes naar school ging, al thuiszitter was. Zij was op school, maar het onderwijs was niet voor haar. Ze zat er min of meer voor spek en bonen. Op haar 13e liet onderzoek zien dat ze wel altijd het rekenboek voor zich had gekregen, maar dat haar niveau nog op groep 4 zat. Een flink minderwaardigheidscomplex is het enige wat was gegroeid. Voor spelling net zo. Wat heeft ze daar gedaan? Ze heeft ‘thuis gezeten’ op school. Ook op het vlak van sociale ontwikkeling kwam zij ernstig tekort. Had ze in groep twee nog een heleboel vriendinnen, op haar 11e was ze een eenzaam meisje tussen al die kinderen. Toen zij in het SO onderwijs terecht kwam was er niets meer over van wat zich ‘onderwijs’ mag noemen. De ontwikkeling blijft dan zo onnatuurlijk achterwege dat een kind zelfs niet meer wil leven. In mijn boek ‘Thuis is Daphne Daphne’ heb...
Hoe wordt je kind uiteindelijk een thuiszitter

Hoe wordt je kind uiteindelijk een thuiszitter

(een moeder van een thuiszitter vertelt) Het autisme/adhd van X is ook ons autisme/adhd geworden. Wij zijn zijn kompas en tolk naar de wereld. Wij luisteren met zijn oren en kijken door zijn ogen, maken steeds de vertaling naar hoe prikkels bij hem binnenkomen, hoe hij de wereld waarneemt en ervaart, wat hij wel en niet snapt. Wij ontcijferen steeds zijn reacties en gedrag. Door overprikkeling van de zintuigen, vertoont hij soms eigenaardig, ongewoon, ongewenst gedrag dat nooit op zichzelf staat of beoordeeld kan worden. Het is een nauwgezet kijken en zoeken naar de reden ervan om te snappen wat hij doet dat hij doet. Niets is vanzelfsprekend, niets wordt vanzelf door hem geleerd of wordt door hem verkeerd geïnterpreteerd. Door zijn disharmonisch ontwikkelingsprofiel zijn er verschillen tussen de mentale, motorische, spraak-taal en spelontwikkelingen, welke zich ontwikkelen op een ander tempo dan dat wij normaal noemen. Afstemmen en aansluiten is steeds heel goed kijken, luisteren en voelen waar hij zit en waar hij aan toe is. En dus ook vele malen herhalen en geduld opbrengen. Vandaar dat wij sedert zijn diagnose professionals om ons heen verzamelen, die ons hierbij kunnen helpen. Doordat wij altijd alert zijn op wat er gebeurt en hoe hij erop reageert, staan onze zintuigen steeds op scherp. Daarnaast ben ook ik, als moeder, éénzijdig, subjectief, want het is mijn kind, waardoor ik emotioneel ben, daar ik zeer nauw betrokken ben met mijn zoon. Dit is mijn plicht ook wanneer ik zorgen heb om mijn zoon, om gehoor te vinden bij instanties die mij  mogelijk kunnen helpen. X doet elke dag reuze zijn best. Hij loopt...
De onvoorwaardelijke liefde voor een kind

De onvoorwaardelijke liefde voor een kind

(Door Yvonne Muijs) Al geruime tijd zet ik me in voor de kwetsbare kinderen. Inmiddels doe ik dit niet alleen meer in mijn regio. Behalve deze activiteit ben ik als moeder zeer begaan met de problematiek van de thuiszitters. Deze problematiek haalt hoge kijkcijfers. Mijn vraag is: ,,Wat is nu echt het probleem?’’ Ik ben moeder van drie geweldige kinderen en natuurlijk heeft ieder kind wel eens een probleem. Maar toch maak ik geen onderscheid. Wanneer mijn kind namelijk met levensgevaar in ziekenhuis ligt en de andere naar geen enkel school meer mag en dus een thuiszitter is, laat ik net zo veel tranen. Ik werk ook nog als verpleegkundige.Vaak heb ik meegemaakt, wanneer een kind plotseling door een ernstige ziekte uitvalt op school, dat van alles in heel korte tijd aangeboden werd. Hier werkt de LPA het SWV en het algemeen ziekenhuis goed en intensief samen om stressfactoren te voorkomen en het onderwijs van het kind op een normale wijze te laten verlopen. Ook herken ik deze aanpak wanneer een kind thuis komt te zitten met een ernstige ziekte zoals kanker. Het kind blijft dan thuis vanwege de chemotherapie. Problematisch wordt het opeens wanneer een kind uitvalt doordat er andere dingen gaan spelen. Mijn vraag is dan: waarom dit onderscheid? Houdt de overheid niet van alle kinderen? Iets wat al bestaat zoals maatwerk bij ernstige zieke somatische kinderen, blijk er dan niet te zijn voor de anderen. Waarom niet? Voor deze kinderen wordt bijvoorbeeld in Rotterdam ‘Taskforce’ opgericht om juist deze problematiek aan te pakken. Ik bedoel maar, de oplossing voor het probleem is er toch al of...
Het woord van het kind gaat via de ouders!

Het woord van het kind gaat via de ouders!

(door Janine Scherpenberg, moeder van een thuiszitter in Almere) Op donderdag 26 mei ben ik als moeder naar de presentatie van het verslag over het onderzoek naar de betekenis van het recht op onderwijs, thuiszitters en Roma kinderen. Ik wilde graag weten wat daar uit kwam natuurlijk. Eindelijk een onderzoek naar het recht op onderwijs. Het onderzoek wordt leesbaar en duidelijk beschreven in een mooi opgemaakt boekje. Dank aan Marieke Hopman voor het onder de aandacht brengen van thuiszitters in Nederland. Tijdens de presentatie merkte ik dat ik me regelmatig getriggerd voelde. De problematiek van thuiszitters is nogal divers en vaak per geval op zich al complex te noemen. Ik hoor van veel ouders de verhalen. Geen enkel verhaal is hetzelfde en geen enkel verhaal is te beantwoorden met één oplossing. Ook de kinderen staan er heel divers in. Het lijkt in mijn ogen wat simplistisch om alle situaties in één onderzoek op te nemen om zo tot één beeld en conclusie te komen. 51 mensen zijn geïnterviewd. Daaronder kinderen en volwassenen met soms dubbele rollen. Hoeveel kinderen tussen 4 en 25 zijn geïnterviewd is me niet heel duidelijk. Door de verschillende rollen kan een respondent dubbel worden geteld. Ik denk dan even aan mijn eigen dochter (thuiszitter): zij zou kunnen spreken vanuit regulier onderwijs, speciaal onderwijs, geen onderwijs en, psychische beperking en thuisonderwijs (afstandsonderwijs in ons geval) en thuiszitters…. denk ik. Als ik dan haar overspannen toestand van het begin meetel ook de fysieke beperking. Mijn dochter wilde niet een gesprek. Of kon niet meewerken. Zij spreekt niet en blokkeert bij vreemden. Bovendien is het onderwerp ‘school’ al...